Voor het eerst is het Twentekanaal afgesloten vanwege droogte. De sluizen bij Eefde zijn gesloten om te voorkomen dat het waterpeil verder daalt en waterkeringen, kades en de bodem onherstelbare schade oplopen. De maatregel treft een belangrijke logistieke corridor waar jaarlijks 15.000 tot 20.000 binnenvaartschepen passeren.
Dat de vaarweg stilvalt, is opvallend. In 2012 ging het kanaal nog dicht door een defecte sluisdeur, maar nooit eerder was droogte de oorzaak.

Meer dan een logistiek probleem
De sluiting draait niet alleen om scheepvaart. Bij een te laag waterpeil neemt de druk op kades en waterkeringen af, waardoor zettingen en verzakkingen kunnen ontstaan. Op het traject Almelo–De Haandrik geldt een minimale waterstand van 9,10 meter boven NAP. Zakt het peil daaronder, dan lopen de oevers en waterkeringen risico op blijvende schade.
Rijkswaterstaat probeerde de afgelopen dagen het peil nog op niveau te houden met pompen, aangepast sluisbeheer en andere maatregelen. Dat bleek onvoldoende, waardoor sluiting onvermijdelijk werd. Tegelijk geldt een onttrekkingsverbod voor landbouw en andere gebruikers van kanaalwater.
Engineering voor een nieuw klimaat
De situatie onderstreept hoe klimaatverandering nieuwe eisen stelt aan de Nederlandse infrastructuur. Kanalen, sluizen en waterkeringen zijn ontworpen voor een zorgvuldig gereguleerd watersysteem, maar krijgen steeds vaker te maken met langdurige droogte én piekafvoeren.
Voor civiel ingenieurs betekent dit dat waterbeheer steeds meer draait om voorspellende modellen, realtime sensormetingen en slimme regeltechniek. Niet alleen de capaciteit van sluizen en gemalen wordt belangrijker, maar ook de vraag hoe infrastructuur robuust blijft wanneer extremen vaker voorkomen.
De afsluiting van het Twentekanaal laat zien dat klimaatadaptatie allang geen toekomstmuziek meer is. Voor waterbouwkundigen en infrastructuuringenieurs is het een praktijkvoorbeeld van hoe techniek, veiligheid en logistiek steeds sterker met elkaar verweven raken.
